De explosieve toename van straling
 
(Hoofdstuk uit het boek “Chaos en Liefde de kern van geest, leven en evolutie”, Gerrit Teule)

 Planten, dieren en mensen zijn in hun miljarden jaren lange evolutie nog nooit in zo'n intensief en aanhoudend bombardement van allerlei (kunstmatige) elektromagnetische stralingen beland als in deze tijd en vooral in de laatste tientallen jaren. Goed overwogen schattingen zeggen, dat we nu vergeleken met enkele honderden jaren geleden meer dan een duizendvoud aan straling binnen krijgen en dat slaat op de intensiteit, het scala aan frequenties en op de tijdsduur van blootstelling aan deze stralingen. Geen enkele natuurlijke evolutie kan een dergelijke snelle stijging zonder problemen accommoderen. Dat wordt des te belangrijker, wanneer we beginnen te begrijpen of te vermoeden wat de werkelijke functie is van subtiel elektromagnetisme in een levend lichaam. De elektrochemische cocktail tast de kern van het leven aan.

 De volgende lijst geeft in opklimmende frequentie een overzicht van de meest voorkomende vormen van elektrosmog en de gerapporteerde kwalen, die daaraan worden toegeschreven, waarschijnlijk in samenwerking met de chemische cocktail. Hoe de hele elektrochemische cocktail (dat is het totaal van gifstoffen en stralingen, waarvan ieder van ons elke dag een kleine portie binnenkrijgt) precies samenwerkt, is nog zeer onduidelijk. We beginnen met het deel van het elektromagnetische spectrum, waar de golflengte veel groter is dan ons lichaam. Verhitting door geïnduceerde stromen zal daarom niet voorkomen. Dit deel is bekend als ELF straling (extreem lage frequenties, 0 tot 300 Hz).

Zie voor de eenheden onderaan.
1. Elektrische schrikdraadvelden, met een pulsfrequentie      van ca. 1 Hz.
2. Elektrische en magnetische velden van spoorwegen (met een frequentie van ca. 16.6 Hz en een spanning van 15 tot 110 Kv. De spanningen in de rails veroorzaken zwerfstromen en magneetvelden in de aarde, die duizendmaal krachtiger zijn dan de natuurlijke velden. Zelfs op afstanden van een tiental kilometers is de invloed van deze velden nog te meten.
3. Elektrische en magnetische velden van het net
(50 Hz, 220 of 380 V). De hoogspanningsleidingen hebben meestal een spanning van enkele honderden kilovolts of meer. Een belangrijk deel van de energieverliezen in deze leidingen dragen bij aan de elektrosmog. In de natuur bouwt zich naar boven toe een potentiaalverschil op (ca. 100 Volt per meter), maar onder een hoogspanningsleiding kan dit oplopen tot duizenden Volts per meter. Sommige mensen zijn daar gevoelig voor als ze zich onder de draden bevinden. Blackouts zijn meerdere malen gerapporteerd.
4.  Draadloze telefoons volgens het nieuwe DECT principe (Digital European Cordless Telecommunication), waarbij het hoogfrequente digitale signaal in korte pulsen (100 Hz) wordt verzonden, zodat meerdere gesprekken over dezelfde band verzonden kunnen worden.

ELF stralingen kunnen o.a. interfereren met de elektromagnetische hersengolven en met de trillingsfrequentie van een DNA molecuul bij een celdeling. Deze elektromagnetische stralingen en de elektrische spanningsvelden kunnen ook leiden tot bloedarmoede, flauwtes, tumoren en schade aan de zenuwen. De schadelijkheid kan sterk toenemen door de piekspanningen op het elektriciteitsnet. Leukemie bij kinderen (dus bij snelgroeiend weefsel) is van verschillende zijden gerapporteerd. Uiteraard zijn de gevolgen afhankelijk van de gevoeligheid van de persoon, die sterk kan verschillen.

Vervolgens is er het deel van het spectrum, waarbij de golflengte (veel) korter is dan de lengte van het menselijk lichaam. Hier kan verhitting optreden door de geïnduceerde stromen, zowel in het hele lichaam als (bij de kortere golflengten) op bepaalde plaatsen. Een bijzondere plaats neemt de magnetronstraling in, omdat deze de watermoleculen laat meetrillen en op deze manier het water verwarmt. Water is een belangrijk bestanddeel van vrijwel elk levend lichaam. Maar ook andere structuren kunnen met andere frequenties meetrillen, zoals eiwitten, chromosomen en hele cellen en ook deze resonantie levert verhitting op. Het gros van de wetenschappelijke onderzoekingen concentreren zich op de verhitting, omdat deze betrekkelijk eenvoudig te meten is. Ook aanwijzingen van de Gezondheidsraad beperken zich tot de verhitting (energie-absorptie). Maar het is niet meer dan een bijverschijnsel en de ene soort verhitting is de andere niet. Hoe deze frequenties kunnen resoneren met natuurlijke elektromagnetische structuren in een levend lichaam en welke schade daardoor kan optreden in een orgaan of binnen in een cel, is nog een onontgonnen terrein. Daarover bestaan nauwelijks onderzoeksresultaten. Of en hoe dit schadelijk kan zijn, hangt af van welke moleculen gaan meetrillen (watermoleculen bij magnetronfrequenties of de grotere, kwetsbare  eiwitmoleculen bij lagere frequenties etc.) en of daardoor schade kan optreden. Tijdens het delicate proces van celdeling bijvoorbeeld kan een resonantie van buitenaf problemen geven. Gebroken DNA ketens als gevolg van straling zijn al gerapporteerd.

5. Telegrafie met velden van 30 tot 30 Mhz. Het gebruik  hiervan neemt af.
6. Radio, TV, computers, radargolven, microgolven van
straalzenders en magnetronovens, draagtelefoons en de daar bij behorende zend/ontvangst installaties,  van 26 MHz tot 4 Ghz. Deze categorie is sterk, zelfs explosief in opkomst. Enkele voorbeelden (de samenvattende lijst in mijn scanner handboek is 4,5 bladzijden lang; het boek beschrijft duizenden  frequenties, die in gebruik zijn):
 AM zenders (130 - 285 KHz)
 Langegolf zenders (415 - 1606 KHz)
 Kortegolf zenders (3,95 - 26 MHz)
 Autotelefoons (31 tot 50 Mhz)
 VHF-TV zenders (47-68, 175-230 en 471-854 Mhz)
 FM-zenders (87,5 - 108 Mhz)
 UHF-TV zenders (470 - 890 Mhz)
 Digitale draadloze telefoons, DECT (1,88 Ghz)
 Radar installaties (1 - 3 Ghz)
 Veiligheidssystemen (0,9 - 3 Ghz)
Magnetronovens (2,45 Ghz, Deze golven brengen watermoleculen in trilling en verhogen zo de temperatuur.)
 Verkeerscontrole radar (3,4 Ghz)

De stralingen vanaf ELF tot ongeveer hier kunnen leiden tot allerlei klachten tengevolge van een vermindering van de immuniteit en kunnen direct en indirect op de lange duur leiden tot kanker. Verhitting (het magnetron effect) kan leiden tot plaatselijke “koorts” en weefselvernieling, maar door de gehanteerde normen komt het meestal niet zover, behalve bij mensen die vlak bij stralingsbronnen zoals radarinstallaties moeten werken. Vooral de oogbollen zijn gevoelig voor verwarming, omdat zij de warmte slecht kunnen afvoeren. Eiwitten kunnen beschadigd raken en hun functie verliezen, wat zal leiden tot functieverlies van de cel als geheel.

Het volgende deel van het spectrum, waarin ook het zichtbare licht valt, bevat stralingen die kunnen leiden tot o.a. verbrandingen en huidkanker. Hier kunnen elektronen in het weefsel worden beïnvloed, zodat diverse elektrochemische reacties kunnen worden verstoord. Met mate toegepast kan de werking van deze stralingen ook heilzaam zijn (warmte, licht). Dat het onze gezondheid beïnvloed, in positieve of negatieve zin, is buiten kijf. Ultraviolet is schadelijk, maar wordt door de ozonlaag gefilterd, zolang wij die laag tenminste laten voortbestaan.

7. Infraroodstraling t.b.v.  medische toepassingen  met  veldfrequenties van 3 x 1011 tot 3 x 1014 Hz.
8. Licht als deel van het totale elektromagnetische  spectrum (4 x 1014 Hz tot 7,7 x 1014 Hz)
9. Ultraviolette straling van medische behandelingen met  frequenties van 7,7 x 1014 Hz tot 3 x 1017 Hz.

Het hoogste deel van het elektromagnetische spectrum is bekend als het ioniserende deel. Vrijwel al deze frequenties zijn schadelijk. De stralingen kunnen bij voldoende kracht ook gezien worden als energierijke deeltjes, die in staat zijn elektronen los te stoten uit de biochemische verbindingen en eiwitten. De stoffen raken dan geïoniseerd, waardoor ze zich gemakkelijker verbinden met andere moleculen en waardoor er foute verbindingen kunnen ontstaan of waardoor de cellen direct kunnen afsterven. Ook hier kunnen eiwitten hun functie verliezen, wat kan leiden tot functieverlies van de cel. Deze stralingen kunnen o.a. leiden tot vernietiging van cellen, beschadiging van genen en mutaties, die ook kunnen leiden tot kanker. De schadelijkheid wordt ook andersom gebruikt, namelijk om kankercellen te vernietigen. Uiteraard bewijst dat de werkzaamheid van deze stralingen.

10. Elektrostatische velden van diverse soorten  isolatiemateriaal en apparatuur (TV, computers),  en harde ultraviolette stralingen.
11. Radioactieve straling van bouwmaterialen, medische diagnose (Röntgen-stralen) en therapie, gammastraling,  straling van oude armbandhorloges en radioactieve neerslag van kerncentrales met frequenties tot 3x1022 Hz.
12.  Kosmische straling, 1024 Hz.

Deze lijst van frequenties, die, afgezien van de kosmische stralingen, door de mens veelvuldig in gebruik zijn genomen, breidt zich alleen maar uit, vooral in de hogere, en dus gevaarlijke, frequenties. Bovendien worden de activiteiten en de stralingsduur per categorie in hoog tempo opgevoerd.

 Van groot belang is de vraag: hoe dicht bevinden we ons bij een zender (waarbij het woord “zender” staat voor alle bovengenoemde bronnen van straling en elektrische spanningsvelden). Het effect van een zender neemt namelijk af met het kwadraat van de afstand. In de laatste jaren komen deze zenders zeer dicht bij ons, b.v. door de plaatsing van duizenden zendmasten ten behoeve van de mobiele telefonie. Als cadeautje kreeg ik zelfs een draadloze koptelefoon, die werkte met een FM zendertje. Ook wordt audio apparatuur aangeboden met een draadloze verbinding tussen versterker en luidsprekers, alles binnenskamers dus. De zaktelefoons dragen we zelfs op ons lichaam en bij het gebruik bevindt zich de zender een paar centimeter van ons hoofd. Dichterbij kan haast niet. De volgende stap zou alleen nog maar kunnen zijn het implanteren van zenders in en op de hersenpan zoals bij de pinguïns van professor Lupardi (uit: Kapitein Rob). De afstand van de zender is van belang voor de kracht van de straling. Daarnaast is er echter de specifieke stralingsfrequentie, die organische structuren laat meetrillen. Daarbij is de sterkte van het signaal van minder belang dan de precieze frequentie.

 Nog even een voorbeeld. Bij de snoerloze huistelefoon installaties, waarbij je zo gemakkelijk met de telefoon de tuin in kunt lopen, doet zich ook een gevaarlijke ontwikkeling voor. Aanvankelijk werkten deze apparaten analoog. Dat houdt in, dat de telefoon een betrekkelijk laagfrequente radiogolf uitzendt, die door de spraak wordt gemoduleerd. Ook nu zijn deze toestellen te koop. Het bezwaar van deze toestellen is, dat de gesprekken met een radioscanner gemakkelijk kunnen worden afgeluisterd. Om een betere kwaliteit van verzending te bereiken, en om afluisteren onmogelijk te maken, veranderde dit in digitale communicatie, waarbij de spraak werd omgezet in een “pakketje” van 0 en 1 pulsen, die vervolgens hoogfrequent (1,8 Ghz) werden verzonden. Dat verbeterde de geluidskwaliteit en de storingsgevoeligheid. Het is echter op deze manier ook mogelijk om een stukje volzin binnen een duizendste seconde over te zenden. Vandaar dat men bedacht om het gedigitaliseerde stemgeluid over te zenden in pakketjes, één per honderdste seconde, zodat er op dezelfde golflengte meerdere gesprekken konden worden verzonden. Deze technologie (Digital European Cordless Telecommunication, DECT) maakt het mogelijk op één huistelefooninstallatie diverse gesprekken met elkaar te voeren en tegelijk ook nog een gesprek naar buiten te voeren. Elk pakketje stemgeluid vertegenwoordigt een puls en per seconde worden 100 van deze agressieve, naaldscherpe pulsen verzonden. Deze frequentie van 100 Hz ligt in dezelfde orde van grootte (ELF) als de frequenties die in onze hersenen worden gebruikt en komt ook dicht in de buurt van de DNA-trillingsfrequentie bij een celdeling. Vandaar dat al meerdere malen geklaagd is over b.v. duizeligheid tijdens het bellen. Al na 15 seconden telefoneren worden er veranderingen in de hersenstromen geconstateerd. De hersenen van proefpersonen reageerden nog lang nadat het telefoongesprek al was afgelopen. Bovendien blijft deze huistelefooncentrale voortdurend aan staan en binnenshuis uitzenden. Wat hiervan het effect is op de lange termijn, weet niemand.

 Bij het gebruik van de GSM in de auto werd in een recente Canadese studie gewag gemaakt van “dronken rijden”. Op het eerste gezicht zou je denken, dat dit ligt aan het gehannes met de knopjes, waardoor de aandacht voor de weg verslapt. Autobezitters die tijdens het rijden aan het bellen waren, slingerden over de weg en veroorzaakten volgens het onderzoek relatief meer ongelukken. Het ligt waarschijnlijk niet aan het praten zelf, want dat gebeurt wel meer in een auto. Zou het nou echt zo gek zijn om te veronderstellen dat we hier de werking van scherpe elektromagnetische straling vlak bij de hersenen in de praktijk zien? Uiteraard ligt dit weer anders bij een hands-free telefoon met de zender achter op het dak van de auto.

 In een modern land als Nederland lijkt het al bijna een verloren strijd. Eind 1999 zijn er ca. 6 miljoen GSM telefoontoestellen verkocht (over de hele wereld 400 miljoen). Dat wijst erop dat er bij het grote publiek kennelijk consensus bestaat over de onschuld van deze apparaten. De onverantwoordelijke en lichtzinnige houding van “wat ik niet kan (of wil!) meten bestaat niet of is de moeite van het weten niet waard”, die t.o.v. elektromagnetische straling in al zijn vormen wordt aangenomen, schiet dramatisch te kort. Veel Nederlandse “nuchterheid” in dezen kan regelrecht worden herleid tot pure onkunde en onnozelheid. De technologische verdwazing kan overigens grootse vormen aannemen. Een Canadese firma opperde al het “geniale” idee om de huisverwarming te doen met magnetronstraling (ca. 2,5 Ghz). Alleen levende wezens in de kamer zouden dan verwarmd worden, van binnenuit nog wel. Alle metaaldelen zouden uit de kamer moeten worden verwijderd, inclusief metalen versierselen op het lichaam, anders spetterden de vonken in het rond, maar dat is een klein detail. Ook weg met de piercings en de metalen implantaten dus. Eén flinke stralingsbron per kamer zou voldoende zijn, met een automatische aanschakeling als een persoon van vlees en bloed de kamer betreedt. Het zou een enorme besparing geven aan stookkosten, want de kamer zelf kon koud blijven. Of dat lekker voelt op de huid, vermeldt het verhaal niet. Veel Afrika-grapjes gaan over “ontdekkingsreiziger-in-kookpot”; dit is de moderne versie daarvan

(met toestemming van de auteur overgenomen uit “Chaos en Liefde, de kern van geest, leven en evolutie”, uitgeverij de Ster. Dit boek komt beschikbaar in maart 2000)

Deze pagina is onderdeel van www.straling.org